vrijdag 16 augustus 2013

De klassieker van het talent

De klassieker staat weer voor de deur, een klassieker waar talent zich zal moeten laten gelden. Een klassieker waar een aantal jongens echt een kans krijgt om zich te onderscheiden. Snel geteld ontbreken er aankomende zondag maar liefst 4 Oranje internationals die normaliter basisspeler zijn bij hun club. Of dat voor Ajax of voor Feyenoord de grootste verzwakking is twijfel ik nog over hoewel gevoelsmatig het verlies van Siem de Jong echt een dreun van enorme proporties is voor Ajax.

Siem was tegen AZ, met een ingeklapte long, nog altijd een van de beste Ajacieden op het veld, maakte 90 minuten vol en scoorde zelfs. Voor de duidelijkheid, de meeste mensen vinden boodschappen doen al duidelijk niet leuk met een klaplong, Siem trainde en speelde er gewoon mee. Toch wel een baas die vent. Een vent die ook al weer een tijdje een plekje heeft in de club van 100. De club van 100 is een lijstje van spelers die meer als 100 wedstrijden voor Ajax 1 speelden. In de huidige selectie zitten drie spelers die bij die club horen namelijk Siem de Jong, Toby Alderweireld en Christian Eriksen. Namen die wie deze transfer periode al heel veel hebben gehoord.

Het is mooi dat onze grootste talenten en beste spelers bij die club van 100 horen. Een eminent lijstje met Sjaak Swart op plek 1 en Johan Cruijff op, waar anders, plek 14. Trainer Frank de Boer staat op een zeer respectabele 7e plek met 329 officiële duels voor Ajax. Mooi dus dat onze grootste talenten van dit moment zich ergens in die lijst mogen ophouden maar wie gaat er ooit nog aan 200 of zelfs 300 wedstrijden voor Ajax 1 komen? En dus blijft de klassieker voorlopig een wedstrijd van talenten, jongens die graag willen maar er voornamelijk toch nog niet zijn.

De klassieker is weer een echte wedstrijd. Fijn, prettig, leuk. Maar het is ook nog altijd een veredeld potje jeugdvoetbal aangevuld met hier en daar een ervaren speler. Alleen daarom al zou ik graag zien dat spelers wat langer blijven. Die klassieker betekent weer iets, nu het nog echt een wedstrijd van formaat maken tussen de Nederlandse grootmachten. Misschien ben ik wel wat weemoedig, zeker naar het doorlezen van die club van 100 lijst.

Aanstaande zondag dus de klassieker. Feyenoord zet weer in op plan P in de hoop dat de scheiding van de Italiaanse midvoor niet in de war raakt. Maar goed, je kan altijd een blessurebehandeling veinzen om je haar te kammen... maar Ajax zonder de man van de goals, kracht en het koppen, dat wordt nog een hele uitdaging. Ik hoop persoonlijk op Lucas Andersen als vervanger, een schitterende voetballer met een fijne techniek, een goede actie en scorend vermogen. Een speler die die club van 100 van mij ruimschoots mag gaan halen. Als het dan toch om talent moet draaien, moet het talent maar spelen ook.

maandag 22 juli 2013

Goed voorbeeld doet goed volgen

Er vertrekken elk seizoen spelers bij Ajax. Soms gaan ze naar echte topclubs, vaker gaan Ajax spelers tegenwoordig naar subtoppers in grote competities. Denk aan ploegen als Liverpool (Suarez), Tottenham (Vertonghen) en Newcastle (Anita), de bestemmingen van de drie meest spraakmakende transfers van Ajax spelers de afgelopen jaren. Transfers waar ik niet bepaald warm van wordt. Ik heb geen idee of dat mooie clubs zijn of niet, maar ik vind het schrijnend dat een buitenlandse subtopper of zelfs middenmoter kennelijk een prettigere bestemming is dan Ajax.

Nog pijnlijker wordt het als Ajacieden kiezen voor clubs als Kasımpaşa. Ik weet niet wie er ooit van had gehoord, maar voor mij was de transfer van Ryan Babel naar die club echt de eerste keer dat ik er voor hoorde. Ook dat zal een leuke club zijn maar is dat dan een sportieve verbetering ten opzichte van Ajax? Ik geloof er eerlijk gezegd niets van. Het is gewoon kiezen voor het geld. Dat moet Ryan Babel zelf weten maar ik krijg daar als fan toch nare gevoelens bij.

Dan Toby Alderweireld, die wees Norwich City af. Geen aansprekende club maar toch keurig 11e in de Premier League afgelopen jaar. Eindelijk een speler die niet rücksichtslos kiest voor een buitenlandavontuur maar op het oog toch ook kiest voor een sportieve uitdaging. Dat stemde mij al redelijk vrolijk maar Christian Eriksen maakte er een kleine feestje van. Bayer Leverkusen meldde zich voor Eriksen maar werd resoluut afgewezen door de jonge Deen. Reden? Geen sportieve verbetering. Voor degene die de Bundesliga niet volgen, Bayer Leverkusen was de #3 achter Dortmund en Bayern in Duitsland. En plotseling begint het een en ander in het buitenland ook te leven, want Talksport vraagt zich plotseling af of Liverpool, dat in de markt zou zijn voor Eriksen, wel kan bieden wat Eriksen vraagt?

Er groeit een besef dat een buitenland avontuur niet noodzakelijk goed is voor een speler. Er wordt niet alleen voor het geld gekozen maar ook voor de sportieve ambitie. Europees voetbal, prijzen pakken en uitkomen voor de nationale ploeg. Zaken die voor een flink aantal spelers die weg zijn gegaan deels of geheel van de radar zijn verdwenen. De Eredivisie is daarin toch een belemmerende factor. Een leuke opleidingscompetitie maar te zwak om langere tijd in te verblijven. Daarom doet de nieuwe lijn van Ajax mij goed, maar ook zoals men in Rotterdam bezig is en zelfs wat PSV nu voor ogen heeft met Cocu.

Uiteindelijk ligt daar namelijk ook een deel van de oplossing voor Ajax. Niet in het alleen in het eigen beleid, maar ook in de eigen competitie. Zonder degelijke competitie met tegenstanders van Europees niveau is op termijn geen structurele verbetering mogelijk. Het moet voor spelers een uitdaging zijn in de Eredivisie te spelen en dan kunnen ze op iets latere leeftijd altijd nog gaan cashen in het buitenland. Als een club uit het buitenland komt moet een transfer niet vanzelfsprekend zijn, een speler moet het gevoel hebben in Nederland voor meer te voetballen dan alleen een vet contract bij Kasımpaşa's, Newcastles en Kiev's van deze wereld. Eriksen, Alderweireld en Siem de Jong tonen het goede voorbeeld, eens kijken of dat voorbeeld doet volgen.

zaterdag 29 juni 2013

Identiteit

Een identiteit is belangrijk. Een identiteit maakt je herkenbaar. Een identiteit is een kostbaar goed voor een club als Ajax en vind z'n oorsprong in geschiedenis en tradities. Het is een fundering voor de club en handgreep voor de supporters. Je zou daarom verwachten dat Ajax die eigen identiteit fel zou verdedigen maar we komen toch regelmatig bedrogen uit die strijd. Vrijwel alles is bespreekbaar en dat is niet iets van de laatste tijd. In 1991 vond Ajax het nodig het oude logo te vervangen. Het zou rommelig zijn. Het was een pure knieval van de commercie, een knieval die door velen werd ervaren als een aantasting van de herkenbaarheid en identiteit van Ajax.

Ook het shirt is niet onaantastbaar. Maagdelijk wit wordt tegenwoordig doorbroken door een drietal rode strepen. Ook al een knieval voor de commercie, een knieval voor een bedrijf dat een heel herkenbaar logo heeft maar toch een nog nadrukkelijkere aanwezigheid wenst op shirts en broeken. Je komt niet aan het shirt van onze club, maar voor de commercie werd ook dit element van de Ajax identiteit verkocht.

Als je logo en shirt niet heilig zijn, dan zijn de smaakmakers van je club toch zeker wel een beschermd goed? De clubmensen, mensen die elke dag weer het verschil maken tussen een kil bedrijfs of een warme vereniging. Clubmensen die lang niet altijd die ideale werknemer zijn, maar door hun doen en laten een enorme meerwaarde zijn voor de club, de spelers en de identiteit. Helaas, ook de mensen moeten buigen voor andere belangen. Ik heb het natuurlijk over David Endt, recent na 16 jaar tomeloze inzet bedankt voor bewezen diensten.

Elke Ajacied wil Ajax terug zien aan de top maar moet dat nu echt ten koste gaan van al die zaken die Ajax Ajax maakt? Ten koste van onze tradities, onze herkenbaarheid, ons verzet tegen de vrijwel ongrenste invloed van geld. Ten koste van onze mensen? Misschien ben ik wel te romantisch ik mijn denkbeelden over hoe een voetbalclub er in onze tijd uit zou moeten zien. Misschien. Maar Ajax is niet Ajax door de begroting van 100 miljoen, een groot stadion of de aanwezigheid van grote sponsoren. Ajax is Ajax door de mensen die er werken, die de club groot gemaakt hebben en groot houden. Mensen zijn het ultieme bastion van je identiteit. Die mensen moet je koesteren.